08-06-10

Het lichaams-Ik

Mijn woede en angst tengevolge de gewelddadige overval op mijn lichaam en geld zijn stilaan aan het zakken. De zaken zijn zich aan het normaliseren. Om de problemen te vergeten heb ik mij hardnekkig geworpen op het herhalen van mijn Duits voor het examen. Het schriftelijk gedeelte is nu achter de rug. Nu ben ik een boek aan het herlezen, dat als basis voor het mondeling examen dient.

Geweld op je lichaam confronteert je met je lijf. Geweld is een inbreuk op de fysieke integriteit van je lichaam, het is een binnendringen in de intimiteit van je lichaamsgrenzen. Ik kan mij voorstellen dat voor een vrouw een verkrachting het ergste is wat ze kan meemaken.

Nu staat mijn lichaam en dat van de andere in het centrum van mijn belangstelling. Wat is mijn lichaam? Hoe ga ik met mijn lichaam om? Hoe beweeg ik mij in de sociale ruimte? Hoe zien anderen mijn lichaam?

Ik ben altijd in overdreven mate een geestelijk-cerebraal mens geweest. Mijn lichaam ervaarde ik als het voertuig van mijn "geest". De menswetenschappen en de politiek beschrijven de mens in termen van een "persoon" of een "subject". Het lijkt wel of ze het heben over gedesincarneerde geesten. Want het eerste wat men in de sociale ruimte ziet, zijn lichamen, die zich bewegen. Die lichamen zenden tekens uit, door middel van hun bewegingen, blikken, lichaamshoudingen. Die tekens kunnen verwarrend zijn, want men weet niet altijd wat ze betekenen. Ze kunnen beangstigend zijn, als verwerping of als vriendelijkheid worden geïnterpreteerd door het Ik.

Als slachtoffer van geweld ben ik nu uiteraard gefixeerd op tekens die op vijandigheid en bedreiging duiden. Mijn ogen scannen voortdurend de publieke ruimte op mogelijk gevaar en dreiging. Bv. kaalgeschoren mannen komen op mij over als een teken van agressiviteit. De rechte machohouding van veel allochtonen kan eveneens bedreigend overkomen. Hoe ze daar in troepjes staan op de hoeken van de straat, en minachtend hun sigaret wegwerpen. Hoe hun blikken alles screenen, hoe ze gsm-en, en je daarbij imagineert: "attaque-lui".

Dus ook wanneer vreemdelingen niets doen, maar in troepjes samenklitten en met hun blikken alles screenen, kan dit een gevoel van onveiligheid geven, als je je kwetsbaar vleot. Nu voel ik me kwetsbaar, maar ik kan me voorstellen dat oudere mensen hetzelfde voelen. Op het politiekantoor van Borgerhout hangt een affiche, die op dit fenomeen wijst.

Het onveiligheidsgevoel van de mensen minimaliseren en denigreren als inbeelding, als puur fantasie is een grove misdaad vanwege het links-politieke establisment. Want daarmee criminaliseer je de emoties van de mensen, beledig je ze, en oefen je een zeer geraffineerde vorm van geweld uit op zwakkere mensen. De cynische linkse intellectueel woont namelijk niet in buurten, waar je 's avonds kan overvallen worden, maar in groene gemeenten, waar er misschien maar ten hoogst een tiental allochtonen wonen.

Om te besluiten, de term 'lichaams-ik' vind ik een mooi woord om te omschrijven wat we in eerste instantie zijn, een lichaam, met emoties, en met zeer ambivalente, in elkaar verstrengelde liefde/haatgevoelens, zoals door de psychoanalytica Melanie Klein goed verwoord is. Wat we het 'Ik' noemen, het rationele denken, is pas in laatste instantie uit dit lichaams-Ik gegroeid. We mogen niet in de denkfout vallen -zoals de Verlichting doet- om die uitstulping van het Ik bovenop het lichaams-Ik als de essentie van de mens te beschouwen...

 

10:23 Gepost door Johnsatyricon | Permalink | Commentaren (0) |  Print |  Facebook | |

De commentaren zijn gesloten.